Chris van Lenteren over ‘Het hout’ van Jeroen Brouwers

recensies-rubriek

BrouwersHet Hout
Jeroen Brouwers

Nou,.. daar krijg ik toch echt geen zin in, zucht mijn vrouw, nadat ze de flaptekst van Het Hout van Jeroen Brouwers gelezen heeft, en ik moet zeggen dat ik het ook geen aansporing vind om het boek te lezen.  Flapteksten doen zelden recht aan het boek, ze lonken altijd naar het grote publiek en in dit geval is de tekst niet geheel van sensatiezucht gespeend. In de korte tekst ligt de nadruk op seksueel misbruik, sadisme en vernedering. Je zou denken, “ dit wordt een loodzwaar boek”, dat is het ook, maar ook niet.

Laat ik er maar ronduit voor uitkomen, ik hou niet van “probleemromans”. Romans waarin een maatschappelijk onrecht wordt aangeklaagd. Romans die, bol staan van een onkreukbaar moreel gelijk, die onweerlegbare, flagrante misstanden aan de kaak stellen. Literatuur als pamflet. Geen misverstand, onrecht moet ontmaskerd worden, onderzoeksjournalistiek is onmisbaar voor dat doel en soms moet er actie worden ondernomen. Literatuur is er naar mijn mening, om onder andere vragen te stellen over waarom we doen wat we doen. Niet om onrecht goed te praten maar om de complexiteit van het bestaan heel te laten.

Eldert Haman is leraar Duits in een jongenspensionaat in Limburg aan de Duitse grens in de vijftiger jaren. We zien het leven in deze biotoop vanuit zijn perspectief. Om praktische redenen en vanwege de menselijke behoefte ergens bij te horen groeit hij langzaam maar zeker van externe leraar naar inwonende monnik. Vanaf dat moment heet hij Bonaventura, zijn eigen naam doet er daar niet toe. De oorlog heeft hem verweest achter gelaten en het klooster lijkt hem een thuis te bieden. Het blijkt een onveilig, gewelddadig en pervers thuis voor met name de leerlingen. Zo vlak na de tweede wereldoorlog is autoriteit nog onaangetast en deze wordt in de persoon van schoolleider Mansuetes verpersoonlijkt. Mensuetes is een bijna operateske figuur waarin alle kwaad is samengebald. Brouwers geeft de lezer een beklemmend inkijkje in de wereld van het jongenspensionaat dat hij uit eigen ervaring kent.  Deze eigen ervaring had tot een eenzijdige aanklacht kunnen leiden maar door de afstand die de schrijver heeft tot die ervaring is hij in staat om de al te menselijke, sociale mechanismen in werking te tonen die maken dat iemand ziet, oordeelt maar zwijgt. Brouwers schetst de maatschappelijke evidenties van de vijftiger jaren die van invloed zijn op de personages in de roman. De jongens bijvoorbeeld, die  iets van de misstanden in het pensionaat vertellen aan hun ouders, worden teruggestuurd. Hoe durf je zulke dingen over de monniken te vertellen. Het gezag is nog heilig en de kerk nog meer. Op dat moment voel je als lezer dat de context van onze tijd zo honderdtachtig graden gedraaid is. In onze tijd staan de ouders van kinderen die zich benadeeld voelen onmiddellijk op de stoep bij de school en eisen op hoge toon dat de leerkracht die bijvoorbeeld hun kind heeft gestraft, tot de orde wordt geroepen, er zonder meer vanuit gaand dat de leerkracht het bij het verkeerde eind had.

Eldert wordt in Het Hout verstaanbaar in hoe hij ziet, twijfelt, het onrecht herkend maar zwijgt. Norbert Elias  toont in zijn studie “Het civilisatieproces” (1982),een fundamentele vervlechting van maatschappelijke en psychische functies aan. Jeroen Brouwers maakt deze mechanismen in deze roman voelbaar. Langzaam maar zeker begin je te ervaren dat het zwijgen verbreken of zelfs uit het klooster stappen nagenoeg onmogelijk is. Brouwers maakt deze loodzware wereld leesbaar door de bewoners van het klooster met humor te beschrijven. Het lijkt vreemd maar de glimlach en zelfs een licht schuddebuiken is nooit ver weg in dit boek.

Er is een schok van buitenaf nodig om barsten in de cocon te veroorzaken. Die schok is de schok van de liefde. Eerst nog wel een beproeving, Eldert lijdt aan helse kaakpijnen die op vijftiger jaren wijze worden behandeld door de als goede katholiek bekend staande tandarts Stevens. In de wachtkamer van dit purgatorium ziet hij voor het eerst de vrouw die zijn bestaan op zijn grondvesten doet wankelen en uiteindelijk doet omvallen. De beschrijving van de eerste seksuele ervaring van Eldert Haman met Patricia is een juweel. De rauwe taal en de daadkrachtige onbeschaamdheid van Patricia contrasteren zo met de taal van het klooster en de katholieke moraal van die tijd dat Eldert enerzijds, opstijgt als in een schilderij van Chagall, anderzijds geplaagd wordt door angsten en hallucinaties van satan en consorten. Brouwers schrijft deze scene met een mengsel van humor en horror. Jeroen Brouwers heeft een prachtige, diepgravende roman geschreven die van alles biedt en ook doet nadenken over het concept individuele schuld.

Chris van Lenteren