Chris van Lenteren over ‘De kat’ van Takashi Hiraide

recensies-rubriek

Takashi HiraideDe kat
Takashi hiraide

Onze onvolprezen boekhandelaar tipt mij zo nu en dan, zijn tips helpen mij vaak een beetje buiten de mij bekende paden te wandelen. Vorige week had hij weer “zo’n dit moet je lezen blik” in zijn ogen, hij reikte mij De kat aan van Takishi Hiraide. Kennelijk heeft onze Stein iets met Japan want een aantal weken geleden prees hij Kokoro, de wegen van het hart aan, ook Japans en ik moet zeggen ook zo prachtig.

Enkele jaren geleden was ik een paar weken in Japan, mijn dochter was daar tijdelijk gaan wonen met haar man en zoon. Sindsdien grijp ik graag een kans om iets meer te begrijpen van wat ik daar, van de buitenkant en zeer kort dacht te zien. De stad waar mijn dochter woonde was Nagoya, een stad van twee en een half miljoen inwoners. De eerste ontmoeting met het leven daar had een bedrieglijke overeenkomst met het onze. Eindeloze stromen auto’s, luxe winkelcentra en veel elektronica. Onder die dunne oppervlakte echter liggen min of meer gave of misschien wel van hun oorsprong losgeraakte onderstromen van een oude cultuur. De invloed daarvan is op vele plaatsen merkbaar en. Een van de opvallendste verschillen met onze cultuur is het belang van aandacht in het alledaagse leven. Je hoeft maar een supermarkt binnen te stappen en vooral te verlaten om het te zien. Met tederheid en aandacht leggen de kassières de door jou gekochte producten in je tas alsof het pasgeboren baby’tjes zijn. In Japan worden dingen of handelingen die evident met veel aandacht tot stand zijn gekomen hoog gewaardeerd. Kwaliteit=aandacht. Het is die aandacht die mij ook in beide Japanse boeken opviel.

In de Kat, vertelt een redacteur in dienst bij een uitgeverij hoe een kat zijn leven, en dat van zijn vrouw binnenwandelt en er ook weer uit. In de tussenliggende bladzijden zien we hoe de kat, die bij de buren woont, vaak de nachten bij hun doorbrengt. De nachten die het schrijvers echtpaar vaak werkend, lees schrijvend, doorbrengt en waardoor de kat die ze Pukkie gaan noemen wordt aangetrokken. In het huis waar Pukkie woont slaapt iedereen gewoon. Dus stap ze als de buren slapen naar het huis van de schrijver. Maar om nou te zeggen dat het de kat te doen is om contact met mensen is te veel gezegd. Een citaat: Pukkie gedroeg zich zoals altijd. Haar blik zei onverstoorbaar: mijn aandacht gaat uit naar de hemelverschijnselen en naar het planten en dierenrijk, en de mensenwereld kan me gestolen worden. Haar gepunte oren leken de hele tijd gespitst in de richting van een stroom die in het wilde weg doorsijpelde in kieren die voor mij onzichtbaar bleven.
Iedere kattenliefhebber zal dit onmiddellijk herkennen. Van dit soort observaties die getuigen van een scherp waarnemingsvermogen wemelt het boek. Daarmee zou ik kunnen suggereren dat het een boek is voor kattenliefhebbers, in tegendeel. Met dezelfde liefdevolle attentie wordt een scene beschreven van de hoofdpersoon die in de buiten met de tuinslang aan het spelen is en een Libelle verleidt tot het kussen van de waterstraal. Maar bovendien

De grote wereld bestaat ook, het verblijf van de verteller en zijn vrouw in de minutieus beschreven dienstwoning in de grote, uiterst bewerkelijke tuin kan niet duren. Het echtpaar moet op zoek naar een nieuwe woning. Dat valt niet mee in een wereld waarin grondprijzen speculatieobjecten zijn geworden. De huisbaas die in de hoofdwoning woont gaat dood en zijn echtgenote vertrekt naar een verzorgingstehuis. De keizer wordt ziek en sterft, maar dat zijn zo’n beetje de referenties aan de actualiteit. En allemaal om wat voorbij gaat.

Oh ja, en er wordt gewerkt en geld verdient, er zijn vrienden en sociale verplichtingen, zoals diensten voor speciale gelegenheden in de Boeddhistische tempel. Er zijn collega’s buren, vrienden maar tussen al die zelfgekozen of verplichte verbanden is er het leven met Pukkie, de kat waarin het echtpaar zo’n plezier heeft, die ergens anders woont die komt en gaat als het hem belieft. Het echtpaar raakt gewend aan zijn komen en gaan, raakt verknocht aan zijn doen en laten maar raakt hem nooit aan. “Het is niet onze kat, toch?” verzucht de vrouw van de schrijver. Pukkie lijkt symbool te staan voor alles dat ons toevalt en weer afgenomen kan worden in ons leven.

In zijn, door de komst van Pukkie uitgelokte overpeinzingen haalt de verteller Nicollo Machiavelli aan die wij kennen van zijn, inmiddels tot karikatuur verworden, beschouwingen over politiek, maar die ook poëzie, theaterstukken en allegorieën schreef. Hij schreef over het noodlot, dat we het best kunnen vergelijken met een rivier waarvan niemand weet wanneer hij buiten zijn oevers treedt. Machiavelli heeft grondig nagedacht over het noodlot en zegt dat levende wezens van nature de gave hebben meegekregen om zelf hun kleine rivier te creëren en dat dit piepkleine stroompje, precies doordat het stroomt, ergens uitmond in een grote rivier. De verteller zegt dit kort nadat hij en zijn vrouw toevallig hun huis hebben moeten verlaten, door een makelaar op sleeptouw genomen worden en dan in deze dienstwoning terecht komen met de tuin en even later blijkt de kat Pukkie. Zo wordt het verhaal van Pukkie het verhaal van het (nood)lot dat volgens Machiavelli meer dan de helft van een mensenleven beheerst maar waartegen hij ook weerstand kan bieden.

Ik versta het zo, in de Kat bestaat de weerstand van de mens tegen het noodlot niet uit verzet maar uit aanvaarding, uit het omarmen van het lot, en in het creëren van dat kleine stroompje. De verteller en zijn vrouw plooien hun leven rond wat zich aandient (Pukkie), nemen dat in hun bestaan op zolang het er is. Ze genieten intens van de aanwezigheid van Pukkie, omringen haar met zorg en liefde, richten hun huis, hun bestaan op haar in, maar maken haar nooit tot hun kat, eigenen haar niet toe. Tot Pukkie plotseling sterft, een paar weken voordat het echtpaar moet verhuizen. Dan moeten ze weer verder en blijven openstaan voor wat zich aandient en weigeren het lot af te dwingen en weer komen er katten hun huis binnenlopen.
Als ik met mijn bespreking de indruk heb gewekt dat de Kat een taai, zwaar boek is dan heb ik te veel de nadruk gelegd op de “filosofische” kant van het verhaal. De Kat is een heerlijk lichte roman waar de liefde en aandacht van het echtpaar, voor Pukkie” van af spatten. En het is ook nog een roman voor kattenliefhebbers.
De Kat is een klein groot boek dat waarschijnlijk nog meer lagen heeft, die voor mij als niet Japanner, onleesbaar zijn.